Naar de inhoud
Componisten.net

Zwitserland

Zwitserse componisten en het land als kruispunt van Europa

Een land dat doorgaans doorgangsgebied was, en dat één componist voortbracht wiens werk nergens anders in past.

1componisten
1stijlperiodes
1880vroegste geboortejaar
Papieren bergketen met een cello en gescheurde stroken in wijnrood (met AI gemaakte afbeelding)AI
Bergketen en cello · Met AI gemaakte afbeelding

Zwitserland ligt op de grens van het Duitse, Franse en Italiaanse taalgebied en is muzikaal lang vooral doorgangsgebied geweest. Componisten reisden erdoorheen, gaven er concerten, zochten er een zomerverblijf (Wagner, Strawinsky, Rachmaninov), maar een eigen school ontstond er niet.

Ernest Bloch, geboren in Genève in 1880, is de uitzondering in dit naslagwerk. Hij studeerde in Brussel bij Ysaÿe, werkte in Duitsland en Frankrijk en emigreerde in 1916 naar de Verenigde Staten, waar hij de rest van zijn leven bleef.

Zijn werk staat bekend om wat hij zelf de Joodse cyclus noemde: een reeks stukken waarin Hebreeuwse thematiek, cantillatie en de laat-romantische orkestklank samenkomen.

Schelomo en de Joodse cyclus

Schelomo, een rapsodie voor cello en orkest uit 1916, is het bekendste werk uit die reeks. De cello draagt er de stem van koning Salomo, en de partij is geschreven als een declamatie in plaats van als een melodie.

Bloch benadrukte dat hij geen bestaande liturgische melodieën citeerde. Wat hij zocht was de toon van een traditie, niet het materiaal ervan, een onderscheid dat hij scherper maakte dan de meeste componisten die met volksmuziek werken.

Zwitsers in het buitenland

Arthur Honegger, geboren in Le Havre uit Zwitserse ouders, hoorde bij de Parijse groep rond Satie en staat in dit naslagwerk onder Frankrijk. Frank Martin, een tijdgenoot van Bloch, werkte grotendeels in Nederland.

Dat patroon, Zwitserse componisten die elders carrière maken, is voor een klein land met vier talen en geen dominant cultureel centrum niet verwonderlijk.

Zwitserland als muzikaal toevluchtsoord

Wat Zwitserland aan eigen componisten miste, maakte het goed als verblijfplaats. Wagner schreef er Tristan en begon er aan de Ring; Strawinsky bracht er de oorlogsjaren door en schreef er L'histoire du soldat; Rachmaninov bouwde er een huis aan het Vierwoudstrekenmeer; Hindemith en Furtwängler vonden er onderdak.

Die functie is geen toeval maar een gevolg van de neutraliteit en de ligging. In beide wereldoorlogen was het land het enige punt in Midden-Europa waar musici uit strijdende partijen elkaar konden ontmoeten, en na 1933 werd het een doorgangsstation voor emigranten.

Uit dezelfde positie komt de festivaltraditie voort. Het festival van Luzern, in 1938 gesticht met Toscanini als eerste dirigent, was uitdrukkelijk bedoeld als tegenhanger van Bayreuth en Salzburg, die toen onder nationaalsocialistisch bestuur stonden.

Eén Zwitserse naam, en een tweede die er bijna bij hoort

Zwitserland staat in dit naslagwerk met één componist: Ernest Bloch, geboren in 1880 in Genève en gestorven in 1959 in Portland in de Verenigde Staten. Hij is ingedeeld bij de twintigste eeuw.

Er is een tweede naam die er dicht tegenaan ligt. Arthur Honegger had Zwitserse ouders en een Zwitsers paspoort, maar werd in 1892 in Le Havre geboren en werkte zijn hele leven in Parijs; de indeling naar geboorteland zet hem daarom onder Frankrijk.

Bloch zelf vertrok in 1916 naar de Verenigde Staten en bleef er. Hij leidde conservatoria in Cleveland en San Francisco en trok zich daarna terug aan de kust van Oregon. In Zwitserland heeft hij na zijn vijfendertigste nauwelijks meer gewerkt.

Een land zonder eigen school, maar met opdrachtgevers

Dat Zwitserland weinig componisten van internationale bekendheid opleverde, betekent niet dat er weinig muziek was. Het land is juist uitzonderlijk goed voorzien van uitvoerend leven: orkesten in Zürich, Bazel, Genève en Lausanne, en een dicht net van koren.

Wat ontbrak was een hof. Waar Wenen, Dresden en Parijs hun componisten aan een vorst of aan een centrale instelling ontleenden, bestond de Zwitserse Confederatie uit kantons die elk hun eigen, bescheiden muziekleven onderhielden.

In de twintigste eeuw is dat deels gekeerd door het mecenaat. Paul Sacher gaf vanuit Bazel opdrachten aan Bartók, Strawinsky, Martinů, Honegger en tientallen anderen. Een aanzienlijk deel van het naoorlogse repertoire is in Zwitserland besteld zonder door Zwitsers te zijn geschreven.

Zwitserse componisten in dit naslagwerk

Zwitserland is in dit naslagwerk met één naam vertegenwoordigd.

Veelgestelde vragen

Waarom heeft Zwitserland zo weinig bekende componisten?

Het land had geen groot hof en geen dominant cultureel centrum, en ligt bovendien tussen drie grote muzikale tradities in. Wie ambitie had ging naar Parijs, Wenen of Leipzig.

Het land is wel altijd een belangrijke plaats voor uitvoering en verblijf geweest: het Tonhalle-orkest in Zürich en het festival in Luzern behoren tot de gevestigde instellingen van Europa.

Wat is cantillatie?

De gezongen voordracht van een religieuze tekst, met melodische formules die aan de tekstbouw gekoppeld zijn in plaats van aan een vaste melodie.

In de synagogale traditie is het een eeuwenoud systeem; Bloch gebruikte de bewegingsvormen ervan als basis voor zijn instrumentale lijnen.

Welk werk van Bloch is het bekendst?

Schelomo, verreweg. Het hoort tot het vaste repertoire van cellisten en is sinds de jaren twintig onafgebroken opgenomen.

Daarnaast zijn Baal Shem voor viool en piano en het Concerto Grosso nr. 1 regelmatig te horen.

Werkte Bloch in Zwitserland?

Nauwelijks. Hij studeerde in Brussel, Frankfurt en Parijs, dirigeerde korte tijd in Neuchâtel en Lausanne, en vertrok in 1916 definitief naar de Verenigde Staten.

Hij bleef zich wel met het land verbonden voelen en keerde er in de jaren dertig enkele jaren terug.