
De wereld van de muziek betovert met haar melodieën en intrigeert met de relaties tussen de mensen die ze schreven. Door de geschiedenis heen zijn er vriendschappen ontstaan tussen componisten die elkaars werk merkbaar hebben veranderd.
Dit artikel behandelt er vier, telkens met dezelfde vraag: is er in de muziek zelf iets van terug te vinden? In drie van de vier gevallen is het antwoord ja, en in het vierde geval is het antwoord interessanter dan een simpel nee.
Mozart en Haydn: wederzijdse bewondering
De vriendschap tussen Wolfgang Amadeus Mozart en Joseph Haydn geldt als de bekendste in de klassieke muziek. Twee meesters van de Weense stijl, vierentwintig jaar in leeftijd verschillend, met een diep respect voor elkaars werk.
Mozart droeg zes strijkkwartetten aan Haydn op, de Haydn-kwartetten uit 1785, en noemde hem in de opdrachtbrief zijn dierbaarste vriend. Haydn had op zijn beurt aan Mozarts vader Leopold gezegd dat diens zoon de grootste componist was die hij kende, bij naam of van horen zeggen.
In karakter leken ze allerminst op elkaar: Haydn terughoudend en ordelijk, Mozart spontaan en soms haast kinderlijk. Dat deed niets af aan het wederzijds respect. Zo sprak Hadyn over Mozart:
… bijna niemand kan worden vergeleken met de grote Mozart… Het maakt me woedend als ik denk aan het feit dat de onvergelijkbare Mozart nog niet is aangesteld door een keizerlijk of koninklijk hof. Vergeef me als ik mijn hoofd verlies, maar ik hou zo veel van de man.
Muzikaal is de uitwisseling aantoonbaar. Mozarts kwartetten uit deze jaren nemen de motivische werkwijze over die Haydn in zijn opus 33 had ontwikkeld; Haydns latere kwartetten en symfonieën zijn op hun beurt melodisch rijker geworden na zijn kennismaking met Mozarts werk. Zie ook Haydn en Mozart.
Brahms en Clara Schumann: een levenslange band
De vriendschap tussen Johannes Brahms en Clara Schumann overschreed de grenzen van de muziek. Clara was een van de grootste pianisten van haar eeuw en zelf componist; voor Brahms was ze veertig jaar lang vertrouwelinge, adviseur en eerste lezer.
Na de dood van haar man Robert in 1856 steunde Brahms haar en haar zeven kinderen onafgebroken. Clara was vaak de eerste die zijn nieuwe werken in het openbaar speelde, en hij stuurde haar zijn manuscripten voordat hij ze aan de uitgever gaf.
Hun correspondentie is grotendeels bewaard, evenals dagboeken van beide kanten, waardoor deze band beter te reconstrueren is dan vrijwel elke andere in de negentiende eeuw. Beiden hebben in hun laatste levensjaren een deel van de brieven vernietigd; wat over is, is nog altijd omvangrijk.

Debussy en Ravel: een vriendschap die stukliep
Claude Debussy en Maurice Ravel bewonderden elkaars werk en gingen aanvankelijk vriendschappelijk met elkaar om. Ze deelden een harmonische taal, een afkeer van de Duitse laat-romantiek en een groot deel van hun Parijse omgeving.
De verhouding bekoelde in de jaren na 1904, deels door persoonlijke omstandigheden en deels door de affaire Ravel rond de Prix de Rome, waarbij de aanhangers van beide componisten tegenover elkaar kwamen te staan. Er kwam ook een beschuldiging van ontlening bij, over wie welke klankvondst het eerst had gedaan.
Wat dit geval interessant maakt is dat de muzikale invloed er wél is, en van beide kanten. Ravels Jeux d'eau uit 1901 en Debussy's Estampes uit 1903 staan zo dicht bij elkaar dat de vraag wie wat eerst deed nooit bevredigend te beantwoorden is. Zie Debussy en Ravel.
Britten en Sjostakovitsj: over de scheidslijn heen
Benjamin Britten en Dmitri Sjostakovitsj ontmoetten elkaar in 1960 en bleven tot Sjostakovitsj' dood in 1975 bevriend, dwars door de politieke scheiding van de Koude Oorlog heen. Ze deelden geen taal; de gesprekken liepen via tolken en via muziek.
De uitwisseling is in beide oeuvres aanwijsbaar. Sjostakovitsj droeg zijn veertiende symfonie aan Britten op; Britten droeg zijn kerkparabel The Prodigal Son aan Sjostakovitsj op. Beide werken gaan over de dood en gebruiken een kleine, kamermuzikale bezetting.
Het is het zeldzame geval waarin twee componisten uit onverzoenlijke systemen in hun laatste jaren dezelfde vragen stelden en dat ook aan elkaar lieten weten.
Wat deze vier gemeen hebben
In alle vier de gevallen gaat het om een verhouding tussen ongelijken: verschillend in leeftijd, in positie of in reputatie. Dat is geen toeval, twee componisten die om dezelfde opdrachten strijden worden zelden vrienden.
Verder valt op dat de muzikale invloed telkens loopt via een concreet werk dat aan de ander is opgedragen. Een opdracht is in de muziekgeschiedenis vaker een gebaar dan een formaliteit, en het is meestal het punt waarop de uitwisseling zichtbaar wordt.
En ten slotte: bijna alles wat we hiervan weten komt uit brieven. De componisten die veel schreven (Brahms, Clara Schumann, Britten) zijn daardoor beter gedocumenteerd dan de componisten die dat niet deden, en dat vertekent het beeld dat de muziekgeschiedenis van vriendschap heeft. Wat die muziek vandaag nog doet met wie ernaar luistert, is het onderwerp van waarom we nog steeds naar klassieke muziek luisteren.
Veelgestelde vragen
Waren Mozart en Haydn echt bevriend?
Ja. Ze speelden samen strijkkwartet in Wenen, Mozart droeg zes kwartetten aan Haydn op, en Haydn sprak zich tegenover Leopold Mozart in de sterkste bewoordingen over diens zoon uit.
Het leeftijdsverschil was vierentwintig jaar; Haydn overleefde Mozart met achttien jaar.
Wat was de verhouding tussen Brahms en Clara Schumann?
Een levenslange vriendschap die begon toen Brahms twintig was en Clara vierendertig, en die tot haar dood in 1896 duurde. Brahms stierf elf maanden later.
Of er meer speelde is nooit vastgesteld; beiden hebben in hun laatste jaren brieven vernietigd.
Waarom liep de vriendschap tussen Debussy en Ravel stuk?
Door een combinatie van persoonlijke omstandigheden, een schandaal rond de Prix de Rome waarbij hun aanhangers tegenover elkaar kwamen te staan, en een aanhoudende discussie over wie welke harmonische vondst het eerst deed.
Muzikaal bleven ze elkaar tot het einde beïnvloeden.
Waren er ook vijandschappen tussen componisten?
Zeker. De bekendste is de tegenstelling tussen het kamp rond Brahms en dat rond Wagner en Liszt in de jaren zeventig van de negentiende eeuw.
Die strijd werd overigens vooral door hun aanhangers gevoerd; Brahms bezat een handschrift van Wagner en sprak zich met respect over diens werk uit.
Hoe weten we dit soort dingen?
Vrijwel uitsluitend uit brieven, dagboeken en opdrachten op partituren. Componisten die veel correspondeerden zijn daardoor beter gedocumenteerd dan even belangrijke tijdgenoten die dat niet deden.
Voor de zeventiende eeuw en eerder is de documentatie zo dun dat vriendschappen vrijwel niet te reconstrueren zijn.