Naar de inhoud
Componisten.net
Johann Sebastian Bach, 1685–1750
Johann Sebastian Bach, 1685–1750

Duitsland · Barok

Johann Sebastian Bach

Stijlperiode
Barok
Geboren
21 maart 1685Eisenach
Overleden
28 juli 1750Leipzig

Leven

Het is een onmogelijke opdracht om J.S. Bach op deze plaats recht te doen aan zijn belang als componist. Daarom moeten we ons beperken tot de hoofdtrekken in zijn werk en leven, naast een korte beschouwing over het fenomeen van de "Bach-dynastie".

Dit geslacht, dat verschillende generaties lang als vanzelfsprekend hoogbegaafde musici voortbrengt, is inderdaad een unieke kluif voor de erfelijkheidsleer. De stamvader van deze oude muzikantenfamilie uit Thüringen is een zekere Hans Bach (ca. 1580-1626). Van zijn drie muzikaal actieve zonen was Christoph (1613-1661) de grootvader van Johann Sebastian. Zijn vader was Johann Ambrosius (1645-1695) en zijn oudere broer heette Johann Christoph (1671-1721). Johann Sebastian huwde twee keer. Uit zijn eerste huwelijk werden Wilhelm Friedemann en Carl Philip Emanuel geboren, en uit zijn tweede Johann Gottfried, Johann Christoph Friederich en Johann Christian. Met de zoon van Johann Christoph Friederich, Wilhelm Friedrich Ernst stierf de laatste Bach in 1845.

Bachs vader was stadsmusicus, en met die povere inkomsten had de familie het niet erg breed. Toen Johann Sebastian negen jaar was, stierf zijn vader, en een jaar nadien ook zijn moeder. De jonge Johann Sebastian (geboren op 31 maart l685) wordt opgenomen in het gezin van zijn oudste broer Johann Christoph, die hem gymnasium deed lopen in het Michaeli internaat in Lüneburg en zelf muziekles gas (hij was leerling van Pachelbel).

Na enkele maanden als violist bij hertog Johann Ernst in Weimar gewerkt te hebben, wordt hij als 18-jarige aangesteld als organist in Arnstadt, en leert er zijn nicht Barbara kennen, die zijn eerste vrouw zou worden. Hij komt in conflict met zijn werkgever omdat hij een studiereis van vier weken naar Lübeck (om Buxtehude te horen spelen) gerokken had tot drie maanden, neemt ontslag en wordt organist in Mülhausen. Daar werd hij wel goed betaald, maar alles was er zo slecht georganiseerd, dat hij weer ontslag neemt om terug naar Weimar te komen als hoforganist, kamermusicus en concertmeester. Zijn ambitie was er eerste kapelmeester te worden, en als dat niet haalbaar blijkt, aanvaardt hij de lagere functie van kapelmeester in Cöthen (er was geen kerkmuziek en het orgel was onbeduidend). Omdat alleen maar kamermuziek hem niet kon blijven boeien, kijkt hij uit naar ander werk. Een sollicitatie als organist in Hamburg mislukt bij gebrek aan geld, en als Kuhnau, de cantor van de Thomasschule in Leipzig sterft, twijfelt Bach toch even of hij die nederige post zou overnemen. Omwille van de kinderen neemt hij zijn intrek in Leipzig op 5 mei 1723. Intussen was Barbara gestorven, en trouwde hij met Anna Magdalena Wülken. Dit moet zowat het prototype van een volkomen huwelijk geweest zijn. In Leipzig moest Bach zich niet alleen bezig houden met het leveren van cantates en motetten voor de kerkdiensten, maar ook het geven van muzieklessen en Latijn behoorden tot zijn taak. Het is echter geweten dat hij zich vaak door zijn oudste leerlingen liet vervangen, en op die manier tijd vrijmaakte om zelf te componeren.

Met de inrichtende macht kon hij niet zo best opschieten, en regelmatig moet hij na een conflict plannen gehad hebben om naar een andere werkgever uit te zien: telkens schikte hij zich weer in zijn lot omwille van de kinderen wier opvoeding hem bovenal ter harte ging, en voor wie hij steeds een goede huisvader is geweest. Hij heeft ook heel wat miserie gekend: behalve zijn eerste vrouw stierven drie kinderen uit het eerste, en zeven uit te tweede huwelijk. Eén was zwakzinnig. Op de 22 zijn er dus precies de helft normaal opgegroeid, en drie daarvan zijn tijdens hun leven nog veel beroemder geworden dan hun vader toen was.

De laatste jaren van zijn leven is Bach blind geworden, en hij sterft op 28 juli 1750. Tijdens zijn leven was hij eerder bekend als musicus en orgelexpert dan als componist, en eerst 75 jaar later werd hij door Mendelssohn in ere hersteld. Bijna een eeuw heeft men gewerkt aan de officiële uitgave zijn van zijn werken(de Bach Werke Verzeichnis, in 1950 klaargekomen). Heel wat composities zijn van twijfelachtige origine, en zijn bewondering voor andere componisten als Palestrina, Frescobaldi, Lotti, Telemann, Keiser, Albinoni en Vivaldi uitte hij vaak door hun werken over te schrijven voor de bezetting die hem op dat ogenblik het best van pas kwam. We mogen ook aannemen dat heel wat werken verloren gingen.

Belangrijkste werken

1708–1717 Orgelwerken uit de Weimarer jarenwaaronder de Toccata en fuga in d, BWV 565 orgel
1717–1723 Brandenburgse concertenBWV 1046–1051, opgedragen aan de markgraaf van Brandenburg orkest
1720 Sonates en partita's voor viool soloBWV 1001–1006 viool
1722 Das wohltemperierte Klavier IBWV 846–869, in alle vierentwintig toonsoorten klavier
1724 Johannes-PassionBWV 245 koor
1727 Matthäus-PassionBWV 244 koor
1741 GoldbergvariatiesBWV 988 klavier
1747 Das musikalische OpferBWV 1079, op een thema van Frederik de Grote kamermuziek
1749 Hohe Messe in bBWV 232 koor
1750 Die Kunst der FugeBWV 1080 onvoltooid

Betekenis

Bachs positie in de muziekgeschiedenis is niet die van een vernieuwer. Hij vond geen genre uit en brak met geen enkele conventie; hij nam wat er was (de Duitse koraalbewerking, de Italiaanse concertvorm, de Franse dansuite) en bracht het tot een graad van beheersing die niemand voor of na hem heeft bereikt. Dat is precies waarom zijn werk studiemateriaal is gebleven: er valt aan af te lezen hoe het in elkaar zit.

Tijdens zijn leven gold hij vooral als organist en orgeldeskundige. Zijn muziek werd na zijn dood vijfenzeventig jaar nauwelijks uitgevoerd tot Mendelssohn in 1829 de Matthäus-Passion weer op de lessenaar zette. De Bach-Gesellschaft deed er daarna bijna een eeuw over om het complete werk uit te geven; die uitgave was pas in 1950 afgerond.

Dat hij vier zonen naliet die tijdens hun leven beroemder waren dan hij, hoort bij het beeld. Carl Philipp Emanuel en Johann Christian schreven in de galante stijl die de vader ouderwets deed lijken, en werden daarmee de schakel naar de klassieke periode.

Vragen over Bach

Wat is BWV?

BWV staat voor Bach-Werke-Verzeichnis, de catalogus die Wolfgang Schmieder in 1950 publiceerde. De nummers zijn niet chronologisch maar per genre geordend: de cantates staan vooraan, dan de missen, passies, orgelwerken en klavierwerken.

Hoeveel kinderen had Bach?

Twintig, uit twee huwelijken: zeven met Maria Barbara en dertien met Anna Magdalena. Tien van hen bereikten de volwassenheid, en vier daarvan werden zelf componist.

Waarom werd Bach na zijn dood vergeten?

Zijn stijl gold al bij zijn leven als ouderwets; de galante en vervolgens de klassieke smaak vroegen om iets anders. Zijn werken bleven wel in gebruik als studiemateriaal; Mozart en Beethoven kenden het Wohltemperierte Klavier. De heropleving begon met Mendelssohns uitvoering van de Matthäus-Passion in 1829.

Welk werk van Bach kun je het beste eerst horen?

De Brandenburgse concerten geven het snelste beeld van zijn instrumentale schrijfwijze. Voor het klavier zijn de Goldbergvariaties de aangewezen ingang, voor de koormuziek de Matthäus-Passion.