Leven
Jacques' vader, cantor in de synagoge van Keulen, was afkomstig van Offenbach bij Frankfurt. Oorspronkelijk luidde zijn familienaam Eberst, maar zijn vader veranderde deze in Offenbach.
De jonge Offenbach was reeds op prille leeftijd een goede cellist. Op zijn veertiende ging hij aan het conservatorium van Parijs studeren, ondanks de vooroordelen van de toenmalige directeur, Luigi Cherubini. Na een jaar stop hij er echter mee omdat hij geen (zelf)discipline had. Hij gaat in het orkest van de Opéra-Comique spelen.
Dankzij het succes van enkele liederen krijgt hij in 1847 een baantje als dirigent van de Théâtre Français. In deze periode begint hij operettes te schrijven, die hij laat opvoeren in het theater van de Champs-Elysées. Het grote succes zet hem aan om nog meer te componeren, en weldra verovert hij ook de internationale theater- en concertzalen (Wenen, Ems, Londen, Baden-Baden). Zijn operettes worden in alle mogelijk bezettingen herschreven en in gans Europa verspreid.
Van 1872 tot 1875 beheert hij het 'Théâtre de la Gaieté', wat tot een financiële ramp leidt: hij verkoopt een deel van zijn goederen en onderneemt een reis naar de Verenigde Staten om zijn schulden af te lossen.
Op de nacht van 4 op 5 oktober 1880 sterft hij aan jicht. Pas een jaar later wordt zijn laatste werk, 'Les contes d'Hoffmann', opgevoerd.
Belangrijkste werken
Betekenis
Offenbach was de uitvinder van de operette zoals Parijs die kende: kort, brutaal, met gesproken dialogen en een satire die tot vlak onder de censuurgrens ging. Hij nam de goden van de Olympus en de helden van Troje en liet ze zich gedragen als het Tweede Keizerrijk waarin hij leefde. Rossini noemde hem naar verluidt de Mozart van de Champs-Élysées, en dat was in die kringen geen kleinigheid.
Orphée aux enfers uit 1858 maakte hem beroemd, vooral door de galop infernal die bekend zou worden als de cancan. Dat het mythologische onderwerp de censuur passeerde terwijl de spot onmiskenbaar op de eigen regering sloeg, was precies de bedoeling.
Hij kwam als Duitse jood naar Parijs, werd Frans staatsburger, en verloor bij de Frans-Duitse oorlog van 1870 aan beide zijden zijn publiek: in Frankrijk gold hij als Duitser, in Duitsland als Fransman.
Zijn laatste werk, Les contes d'Hoffmann, is zijn enige serieuze opera. Hij stierf vier maanden voor de première; de versie die tot in de twintigste eeuw werd gespeeld, is grotendeels door Ernest Guiraud samengesteld.
Hoe een vergunning de operette vormgaf
Toen Offenbach in 1855 zijn eigen theater opende, de Bouffes-Parisiens, gold in Parijs nog een stelsel van vergunningen dat per zaal voorschreef wat er mocht worden opgevoerd. Zijn licentie liet hem korte stukken toe met hoogstens drie of vier zingende personages, zonder koor.
Die beperking heeft het genre gemaakt. Wie met vier mensen een avond moet vullen, kan geen ensemblefinale in de Italiaanse trant schrijven en moet het hebben van tempo, van gesproken dialoog en van scherpe typering. Precies die middelen werden het handelsmerk van de Franse operette.
Pas toen het succes de regels deed wijken, kon hij groter werken. Orphée aux enfers uit 1858 had wél een koor, en daarmee kwam ook de ruimte voor de galop infernal die als cancan de eeuw zou overleven.
De ironie is dat zijn eigen theater hem later financieel brak. Als directeur van de Gaîté verloor hij tussen 1872 en 1875 alles wat hij had verdiend, en de laatste jaren van zijn leven ging hij op tournee naar Amerika om schulden af te lossen.
Zijn eigen instrument bleef intussen de cello. Offenbach was als jongeman een van de betere cellisten van Parijs, trad op in de salons, schreef virtuoze stukken en een leerboek voor het instrument, en die kennis zit in zijn partituren: de cellopartijen in de operettes doen meer dan begeleiden. Het bekendste voorbeeld staat in Les contes d’Hoffmann, waar de barcarolle op een wiegende celloklank drijft.
Vragen over Offenbach
Wat is een operette?
Een muziektheatervorm met gesproken dialogen, korte nummers en doorgaans een komisch of satirisch onderwerp. Offenbach gaf haar in Parijs haar vorm; Wenen volgde met Strauss en Lehár.
Is de cancan van Offenbach?
De galop infernal uit Orphée aux enfers van 1858 is de melodie die wereldwijd als cancan bekendstaat. De dans zelf bestond al eerder en is niet door hem bedacht.
Wat zijn Les contes d'Hoffmann?
Zijn enige serieuze opera, naar drie verhalen van E.T.A. Hoffmann. Hij stierf voor de voltooiing; de gangbare versie is postuum samengesteld en er bestaan sindsdien meerdere edities.
Waarom staat Offenbach onder Duitsland?
Hij werd in Keulen geboren en kwam op zijn veertiende naar Parijs, waar hij later Frans staatsburger werd. Dit naslagwerk deelt in naar geboorteland.
