Leven
De brouwerszoon Smetana (Litomyšl, 2 maart 1824) gaf al zeer vroeg blijk van een muzikale begaafdheid. Op 5-jarige leeftijd leerde hij viool en piano, en tijdens zijn middelbare school werkte hij zich dank zij ontberingen autodidactisch muzikaal hogerop. Als Tsjechisch nationalist werd hij erg op de vingers gekeken, zodat hij in 1856 zijn in 1846 zelf opgerichte muziekschool in Praag moest verlaten, en uitweek naar Göteborg in Zweden, als muziekleraar en leider van de Filharmonische Vereniging. In 1863 vestigt hij zich definitief in Praag, geruggesteund door de aanbevelingen van Clara Schumann en Liszt. Hij werk als koorleider, operadirigent, pianist, componist en muziekcriticus, en onderneemt concertreizen doorheen heel Europa.
Tien jaar voor zijn dood werd hij als gevolg van een hersenziekte plots totaal doof. Tevoren reeds werd zijn gehoor gekweld door verschillend horen in linker- en rechteroor, en door een aanhoudend As-groot kwart-sixakkoord in pijnlijk hoge ligging in het linkeroor. De belangrijkste werken werden echter gecomponeerd in deze periode van volslagen doofheid, tot hem een ongeneeslijke krankzinnigheid in zijn laatste levensjaar alle geestelijke activiteit onmogelijk maakte. Hij stierf op 12 mei 1884 in Praag.
Belangrijkste werken
Betekenis
Smetana geldt als de grondlegger van de Tsjechische nationale muziek, en hij moest daarvoor eerst zijn eigen taal leren: hij was opgegroeid met Duits en schreef pas op latere leeftijd vloeiend Tsjechisch. Zijn opera's op Tsjechische teksten waren een politieke daad in een land dat vanuit Wenen werd bestuurd.
Má vlast, zes symfonische gedichten over het Tsjechische land en zijn geschiedenis, is zijn hoofdwerk. Het tweede deel, Vltava, volgt de rivier van twee bronbeekjes tot voorbij Praag en is het bekendste stuk Tsjechische muziek dat er bestaat.
Hij schreef de hele cyclus nadat hij volledig doof was geworden. Diezelfde aandoening, waarschijnlijk syfilis, veroorzaakte een aanhoudende hoge pieptoon, en die staat letterlijk genoteerd in de finale van zijn eerste strijkkwartet: een langgerekte hoge e in de eerste viool.
Zijn laatste jaren bracht hij door in een inrichting in Praag. De verkochte bruid is intussen de meest gespeelde Tsjechische opera geworden; zie Tsjechische componisten.
Zijn acht opera's zijn in Tsjechië belangrijker dan zijn orkestwerk. De verkochte bruid uit 1866 is een dorpskomedie met dansen en koren die het Tsjechisch voor het eerst als volwaardige operataal liet horen, en Libuše uit 1881, geschreven voor de opening van het Nationaal Theater in Praag, is een plechtig staatsstuk dat bij nationale gelegenheden nog altijd wordt opgevoerd.
De jaren in Göteborg
Smetana vertrok in 1856 naar Zweden omdat er in Praag voor hem geen bestaan was. De Oostenrijkse overheid hield het Tsjechische muziekleven kort, zijn eigen muziekschool liep niet, en in Göteborg lag een betrekking klaar als dirigent van de plaatselijke concertvereniging.
Hij bleef er vijf jaar, gaf les, dirigeerde en werd een gezien man in de stad. Muzikaal waren het de beslissende jaren: hij schreef er zijn eerste symfonische gedichten (Richard III, Wallensteins Lager, Hakon Jarl) naar het model van Liszt, met wie hij al correspondeerde.
Dat genre bestond in Tsjechië nog niet, en hij bracht het mee terug. Zonder die Zweedse leerschool is Má vlast niet denkbaar: zes symfonische gedichten over rivieren, burchten en legenden zijn de vorm die hij in Göteborg had leren hanteren, toegepast op zijn eigen land.
Er hangt ook verdriet aan die jaren. Zijn vrouw Kateřina, al ziek toen ze meeging, stierf in 1859 op de terugreis in Dresden; drie van hun vier dochters had hij toen al verloren. In 1861 keerde hij definitief naar Praag terug, waar het politieke klimaat inmiddels ruimte voor een Tsjechisch theater gaf.
Vragen over Smetana
Wat is Má vlast?
Een cyclus van zes symfonische gedichten over het Tsjechische land en zijn geschiedenis, voltooid in 1879. Het tweede deel, Vltava of de Moldau, is het bekendste.
Was Smetana doof toen hij Má vlast schreef?
Ja. Hij werd in 1874 binnen enkele maanden volledig doof en schreef de hele cyclus daarna. Hij heeft haar nooit gehoord.
Wat staat er in het eerste strijkkwartet?
De ondertitel is Uit mijn leven, en in de finale klinkt een langgerekte hoge e in de eerste viool: de pieptoon die aan zijn doofheid voorafging, letterlijk genoteerd.
Wat is de verhouding tot Dvořák?
Dvořák was zeventien jaar jonger en speelde als altviolist in het orkest waar Smetana dirigeerde. Smetana legde de nationale toon vast; Dvořák bracht die naar het internationale repertoire.
Hoeveel opera's schreef Smetana?
Acht. De verkochte bruid uit 1866 is de meest gespeelde Tsjechische opera geworden; Libuše werd geschreven voor de opening van het Nationaal Theater in Praag en wordt bij staatsgelegenheden uitgevoerd.
