Naar de inhoud
Componisten.net
Alessandro Scarlatti, 1660–1725
Alessandro Scarlatti, 1660–1725

Italië · Barok

Alessandro Scarlatti

Stijlperiode
Barok
Geboren
2 mei 1660Palermo
Overleden
22 oktober 1725Napels

Leven

Alessandro Scarlatti werd op 2 mei 1660 in Palermo geboren en studeerde waarschijnlijk bij Carissimi en Pasquini. Zijn eerste post was die van kapelmeester ene operacomponist van en voor de hofkapel van koningin Christina van Zweden, die in Rome woonde. In 1689 vinden we hem aan het hoofd van de Santa Maria di Loreto en in 1694 ook van de hofkapel in Napels, zonder dat hij het contact met Rome verbrak.

Hij componeerde vooral opera's (honderdvijftien stuks!) en cantates (een slordige zevenhonderd), naast enkele madrigalen, missen, serenades en heel wat instrumentale werken. Scarlatti is de belangrijkste vertegenwoordiger van de Napolitaanse operaschool. Hij schiep de concertaria, waarin de muziek de voorkeur kreeg boven de handeling. Hij stierf in Napels op 24 oktober 1725.

Alessandro was uiteraard de eerste leraar van zijn zoon Domenico (geboren in Napels op 26 oktober 1685). Later studeerde hij in Rome bij Pasquini en Gasparini. Ook zijn eerste werken waren opera's voor het privé-theater van koningin Christina van Zweden. In 1715 werd hij benoemd tot kapelmeester van Sint-Pieter, maar vier jaar later trok hij als wereldberoemd klavecinist naar Londen. In 1721 volgde dan een verhuis naar het hof van Lissabon. Als privé-leraar van de prinsessen trok hij mee naar Madrid toen één van zijn pupillen in 1729 koningin van Spanje werd. Daar zou hij op 23 juli 1757 in armoede (speelschulden!) gestorven zijn. Volgens andere bronnen keert hij eerst nog terug naar Napels.

Belangrijkste werken

1679 Gli equivoci nel sembiantezijn debuut, op zijn achttiende opera
1690 La Statira opera
1707 Mitridate Eupatore opera
1715 Il Tigrane opera
1721 Griselda opera
1715 Cantates voor solostemruim zeshonderd cantate

Betekenis

Scarlatti is de centrale figuur van de Napolitaanse operaschool, en daarmee van de vorm die de achttiende-eeuwse opera in heel Europa aannam. Hij schreef meer dan zestig opera's en ruim zeshonderd kamercantates, en werkte afwisselend in Rome en Napels, waar hij de hofkapel leidde.

Twee dingen die hij vastlegde zijn tot ver in de klassieke periode gebruikt gebleven. Het eerste is de da capo-aria met haar drieledige bouw: een deel, een contrasterend middendeel, en dan het eerste deel opnieuw, waarbij de zanger het mag versieren. Het tweede is de Italiaanse ouverture in drie delen (snel, langzaam, snel) die het model werd voor de symfonie.

Zijn late opera's zijn harmonisch aanzienlijk gewaagder dan zijn vroege, en dat is hem door het publiek niet in dank afgenomen; Mitridate Eupatore viel in Venetië volledig door de mand.

Van zijn tien kinderen werd Domenico de bekendste, met een oeuvre dat op geen enkel punt op dat van zijn vader lijkt.

Zevenhonderd cantates en waarom

Dat Scarlatti naast zijn opera’s ruim zevenhonderd kamercantates schreef, is geen kwestie van productiedrift maar van de markt waarop hij werkte. In Rome lag de opera een groot deel van zijn leven onder pauselijke beperkingen; onder Innocentius XII werd het openbare operatheater zelfs afgebroken.

Wat overbleef, was het particuliere circuit. Kardinaal Ottoboni, kardinaal Pamphili en koningin Christina van Zweden hielden wekelijkse bijeenkomsten in hun paleizen waar één zanger met continuo een cantate uitvoerde: twintig minuten muziek, dezelfde afwisseling van recitatief en aria als in de opera, maar zonder toneel en zonder toestemming.

Die vorm is dus een omweg om het verbod heen, en hij is er muzikaal beter van geworden. Omdat er geen decor en geen handeling was om op te leunen, moest alles uit de harmonie en de declamatie komen, en juist in de cantates zijn zijn gedurfdste modulaties te vinden.

Het is ook waar hij zijn opvolgers heeft bereikt. Händel schreef in zijn Italiaanse jaren in precies deze kringen ruim honderd cantates naar hetzelfde model, en de vorm bleef tot in de tijd van Mozart in gebruik.

Zijn late werk is in zijn eigen tijd al te moeilijk gevonden. De opera’s uit zijn laatste jaren gaan harmonisch verder dan het Napolitaanse publiek wilde, en hij verloor er opdrachten door aan jongere componisten die eenvoudiger schreven. Hij stierf in 1725 in relatieve vergetelheid, in hetzelfde jaar waarin zijn zoon in Madrid aan de sonates begon die de familie naam de volgende eeuwen zouden dragen.

Vragen over Scarlatti

Wat is een da capo-aria?

Een aria in drie delen: A, een contrasterend B, en dan A opnieuw, waarbij de zanger die herhaling versiert. Scarlatti legde de vorm vast en ze bleef tot ver in de achttiende eeuw de norm.

Wat is de Napolitaanse school?

De opera-traditie rond Napels van de late zeventiende en achttiende eeuw, met Alessandro Scarlatti als grondlegger en de conservatoria van de stad als kweekvijver. Ze bepaalde het Europese operamodel voor twee generaties.

Wat is de Italiaanse ouverture?

Een instrumentale opening in drie delen: snel, langzaam, snel. Scarlatti legde die vorm vast, en toen ouvertures los van de opera werden gespeeld, groeide daaruit de symfonie.

Hoe verhoudt hij zich tot zijn zoon?

Alessandro was operacomponist, Domenico schreef bijna uitsluitend klaviermuziek. Ze werkten nooit samen, en Domenico kwam pas na zijn vertrek uit Italië tot zijn eigen stijl.