Leven
Shostakovitch werd in Leningrad (Sint-Petersburg) geboren op 25 september 1906 als zoon van een muzikaal begaafde vader en een getalenteerde pianiste als moeder. Hierdoor kreeg hij reeds vroeg onderricht in theorie en klavier, en kwam reeds op 11-jarige leeftijd tot componeren. Aan het Conservatorium van zijn geboortestad volgde hij piano bij Nilolajev en compositie bij Steinberg en Glazoenov. In 1927 behaalde hij het erediploma op de Chopinwedstrijd te Warschau, en wordt leraar aan het Conservatorium te Leningrad (later ook aan dat van Moskou). Ook de Lenin-, Stalin- en Sibeliusprijs vallen hem ten deel. In 1958 lat hij zijn leraarsfunctie vallen om zich in de Russische hoofdstad uitsluitend nog met het componeren bezig te houden, terwijl hij talrijke openbare functies bekleedt: afgevaardigde bij de Opperste Sovjet en secretaris van de componistenvereniging. Hij wordt erelid van de Zweedse muziekacademie, van de Accademia di Santa Cecilia te Rome, corresponderend lid van de Academie voor Kunsten in de DDR en doctor honoris causa te Oxford. De laatste jaren van zijn leven begon hij aan een nieuwe carrière als dirigent. Shostakovitch overleed te Moskou op 9 augustus 1975.
Belangrijkste werken
Betekenis
Sjostakovitsj' loopbaan is niet los te lezen van de staat waaronder hij werkte. In 1936 verscheen in de Pravda een niet-ondertekend artikel over zijn opera Lady Macbeth onder de kop Chaos in plaats van muziek; hij hield jarenlang een koffer klaar bij de deur. In 1948 volgde de tweede veroordeling, in het Zjdanov-decreet.
De vijfde symfonie uit 1937 werd gepresenteerd als het antwoord van een kunstenaar op gerechtvaardigde kritiek. Of de triomfantelijke finale gemeend is of een dwangbevel uitbeeldt, is sinds de jaren zeventig onderwerp van een discussie die niet is beslecht, en de dubbelzinnigheid zelf is waarschijnlijk het punt.
Zijn vijftien strijkkwartetten zijn zijn persoonlijkste werk. Het achtste, in drie dagen geschreven in Dresden in 1960, draagt zijn eigen naam als thema: de noten D–Es–C–H, in het Duits D–S–C–H, zijn initialen.
De filmmuziek die hem overeind hield
Sjostakovitsj schreef muziek bij ruim dertig films, van de stomme film Nieuw Babylon uit 1929 tot King Lear in 1971. In de standaardverhalen over zijn leven komt dat werk nauwelijks voor, terwijl het jarenlang zijn belangrijkste inkomen was.
Dat gold vooral na 1936 en na 1948, de twee keren dat hij in ongenade viel. Zijn symfonieën werden dan niet gespeeld en zijn lesopdrachten ingetrokken, maar filmmuziek bleef hij leveren, het was werk in opdracht van de staat, en juist daarom veilig.
Het is geen bijwerk gebleven. Uit de filmpartituren komen melodieën die hij later in concertwerken hergebruikte, en de Suite voor variété-orkest, met de wals die tegenwoordig overal klinkt, bestaat grotendeels uit zulk materiaal.
Het verklaart ook iets aan zijn schrijfwijze. Wie jarenlang moet aanleveren op een montagetafel, leert in korte, herkenbare eenheden denken die meteen een stemming neerzetten, en dat hoor je in de symfonieën terug: het scherpe omslaan van het ene beeld naar het andere is een filmische gewoonte.
Eén filmpartituur is een verhaal apart. Voor De horzel uit 1955 schreef hij een romance die in Rusland zo bekend werd dat vrijwel niemand nog weet waar ze vandaan komt; ze wordt op bruiloften gespeeld en in advertenties gebruikt. Dat een componist die twee keer door de staat werd veroordeeld, tegelijk de melodieën leverde waarop het hele land trouwde, hoort bij de dubbelheid die zijn hele werk kenmerkt.
Vragen over Sjostakovitsj
Wat is het DSCH-motief?
De vier noten D–Es–C–H, die in de Duitse notennamen zijn initialen spellen: D. SCHostakowitsch. Hij gebruikte het als handtekening, het duidelijkst in het achtste strijkkwartet en de tiende symfonie.
Wat was Chaos in plaats van muziek?
Een niet-ondertekend artikel in de Pravda van 28 januari 1936 waarin zijn opera Lady Macbeth van Mtsensk werd afgewezen. Het betekende het einde van zijn positie als gevierd jong componist en het begin van jarenlange onzekerheid.
Wat is de Leningrad-symfonie?
De zevende, grotendeels geschreven tijdens het beleg van Leningrad in 1941. De uitvoering in de belegerde stad in augustus 1942, met musici die van het front werden gehaald, is legendarisch geworden.
Hoe moet zijn muziek gelezen worden?
Daarover bestaat geen overeenstemming. Sinds de omstreden memoires Getuigenis uit 1979 wordt veel van zijn werk als verkapt protest gelezen; anderen waarschuwen dat die lezing elk stuk in hetzelfde stramien dwingt.
