Naar de inhoud
Componisten.net
Orlandus Lassus, 1532–1594
Orlandus Lassus, 1532–1594

België · Renaissance

Orlandus Lassus

Stijlperiode
Renaissance
Geboren
1532Bergen
Overleden
14 juni 1594München

Leven

De naam Lassus (Lasso) zou kunnen afgeleid zijn van "Là-dessus", één van de wijken van Mons (het hogergelegen gedeelte van de stad, in tegenstelling met Là-dessous); volgens andere bronnen van Roland de Lâtre, een Franse versie van Roeland de Laet. Sedert zijn verblijf in Italië noemde Lassus zichzelf steeds Orlando di Lasso. Hij moet in 1532 geboren zijn. En de wilde verhalen die over zijn jeugd de ronde doen als zou hij driemaal door Italiaanse hoven gekidnapt zijn omwille van zijn gouden stemgeluid, dat in de St.-Nicolaskerk te Mons dagelijks te horen was, zijn waarschijnlijk niet van alle grond ontbloot. Het staat vast dat er een tweetal keren ‘druk uitgeoefend’ werd, al dan niet door ontvoeringspogingen, tot zijn ouders hem vrijwillig ‘verhuurden’ aan generaal Ferdinand Gonzaga, gezant van Keizer Karel en onderkoning van Sicilië. In de hoofdkerk van Mons was hij grondig geschoold in de muziek der Nederlanden, en dat was maar goed ook, want van de beloofde verdere vorming in Italië kan weinig terechtgekomen zijn: Gonzaga sleepte hem mee op al zijn reizen. Hierdoor leerde Lassus de hofmuziek van half Europa kennen. Na zijn stemmutatie verblijft hij nog een poos in Napels, en leert er de volkse liederen van de Commedia dell'arte kennen. Hier liggen de wortels van die knotsgekke stukjes in koeterwaals zoals de soldatenserenade ‘Matonna mia cara, mi fallere canzon’.

In 1553 op 21-jarige leeftijd dus, wordt hij kapelmeester van Sint-Jan-van-Lateranen, en kan zich in Rome laven aan de kunst van een Josquin en een Palestrina.

In 1554 onderneemt hij een reis naar de Nederlanden en verblijft in Londen en Antwerpen (Susato gaf er Lassus Antwerps Motettenboek uit). In 1556 laat hij zich inlijven in de hertogelijke hofkapel van München, en vanaf 1560 komt hij aan het hoofd te staan van dit beroemde ensemble. Deze mensen moesten instaan voor het opluisteren van optochten, tornooien, jachtpartijen, kerkdiensten en andere feestelijkheden. In dit hofleven bewoog Lassus zich als een vis in het water en eerst in de laatste jaren van zijn leven werd hij daarin geremd door vlagen van zwaarmoedigheid. Hij trouwde met een hofdame en twee van zijn zonen werden ook componist. Lassus stierf op 14 juni 1594. Meer dan 2000 werken zijn van hem bekend, en hij toont zich een meester in elk genre: zowel missen, motetten, chansons, madrigalen als andere profane werkjes componeerde hij met het grootste gemak. Zijn onvoorstelbare energie, geschoeid op aanleg en opleiding, zijn mentale ernst vermengd met gezonde humor, zijn godsvrucht verzacht door weldadige luchthartigheid, zijn bijzonder taalgevoel en zijn beheersing van alle muzikale technieken, hebben het mogelijk gemaakt alle toentertijd bekende genres met een even groot gemak te beoefenen.

De hoogste toppen scheert hij evenwel in de motettenreeksen: "Davids boetepsalmen", de "Profetieën van de Sybillen", de "Tranen van de Heilige Petrus" en de "Lezingen van het boek Job". Zijn missen geven eerder een indruk van goed maatwerk, en ontberen de religieuze atmosfeer van een Palestrina.

Met zijn honderden Franse chansons, Duitse liederen, Italiaanse madrigalen, vilanelle, moresche, frotolle e.d.m. bewijst hij zich in alle milieus thuis te voelen, en over een ongeëvenaard aanpassingsvermogen te beschikken.

Samen met De Monte sluit Lassus de belangrijkste periode uit de muziekgeschiedenis der Nederlanden af. De fakkel werd daarna overgenomen door autochtone Italiaanse meesters zoals Palestrina en Gabrieli.

Belangrijkste werken

1555 Eerste bundel madrigalen en chansonsin Antwerpen uitgegeven vocaal
1560–1594 Missenruim zestig, op eigen en andermans thema's koor
1568 Prophetiae Sibyllarumchromatisch, met de beroemde proloog koor
1584 Psalmi Davidis poenitentialesde zeven boetpsalmen koor
1594 Lagrime di San Pietrotwintig madrigalen, voltooid drie weken voor zijn dood koor

Betekenis

Lassus is de meest veelzijdige componist van de renaissance. Hij schreef in vier talen (Latijn, Italiaans, Frans en Duits) en beheerste elk bijbehorend genre: de mis en het motet, het madrigaal, het chanson en het Duitse lied. Zijn bewaarde oeuvre telt meer dan tweeduizend werken.

Als kind zou hij drie keer zijn ontvoerd om zijn stem; op zijn twaalfde kwam hij bij de onderkoning van Sicilië in dienst en zo in Italië terecht. Vanaf 1556 leidde hij de hofkapel van de Beierse hertogen in München, waar hij achtendertig jaar bleef en tot de best betaalde musici van Europa behoorde.

Waar Palestrina de gladde, evenwichtige pool van de late renaissance vertegenwoordigt, staat Lassus voor het dramatische: scherpe tekstuitbeelding, onverwachte harmonieën en een chromatiek die in de Prophetiae Sibyllarum vooruitloopt op de zeventiende eeuw.

Vragen over Lassus

Hoe heette Lassus eigenlijk?

Hij werd in Bergen in Henegouwen geboren als Roland de Lassus en publiceerde in het Latijn als Orlandus Lassus, in Italië als Orlando di Lasso. Alle drie de vormen komen in de bronnen voor.

Hoeveel schreef Lassus?

Ruim tweeduizend bewaarde werken, waarmee hij de productiefste componist van de zestiende eeuw is. Zijn verzamelde motetten alleen al, de Magnum opus musicum, tellen meer dan vijfhonderd stukken.

Wat zijn de Prophetiae Sibyllarum?

Twaalf korte motetten met een chromatische proloog die harmonisch verder gaat dan wat gebruikelijk was: opeenvolgende akkoorden zonder gemeenschappelijke toonsoort. Ze bleven tot na zijn dood ongepubliceerd.

Waarom staat hij onder België?

Omdat hij in Bergen (Mons) werd geboren, dat vandaag in België ligt. Hij werkte er nooit; zijn loopbaan speelde zich af in Italië en München. Zie Belgische componisten.