* Componisten van Klassieke Muziek  
zoeken
zoekterm onthouden en highlighten
periode
voor 500  Oudheid
500-1450  Middeleeuwen
1450-1600  Renaissance
1600-1750  Barok
1750-1820  Klassiek
1820-1910  Romantiek
na 1900  20ste Eeuw
na 1945  Modern

© .Componisten.Net 2000-2017
· Home · Links · Europees Skrjabin Genootschap sitemap 
Galgje ·
Akkoorden ·
Gregoriaans ·
Tijdlijn ·
Muziektermen ·
Componisten.Net ·
Print deze pagina

:: Gregoriaans

Gregoriaanse Neumen (Grieks: teken)
Punctum
Een losse noot.
Virga
Als punctum.
Podatus (pes)
De laagste noot wordt het eerst gezongen.
Clivis (flexa)
Als de hoogste noot eerst komt, is dit de schrijfwijze.
Scandicus
Drie of meer noten omhoog.
Climacus
Drie of meer noten omlaag.
Torculus (pes flexus )
Drie noten, omhoog en vervolgens omlaag.
Porrectus (flexus resupinus)
Hoge noot, lage noot en dan middelste noot.
Scandicus flexus
Vier noten, omhoog en dan omlaag.
Porrectus flexus
Een porrectus met een lage noot op het eind.
Climacus resupinus
Een omgekeerde scandicus flexus.
Torculus resupinus
Low-up-down-up.
Pes subbipunctus
Een omhoog en twee omlaag.
Virga subtripunctis
Vier noten opéénvolgend omlaag.
Virga praetripunctis
Vier noten opéénvolgend omhoog.
Epiphonus (liquescent podatus)
Kleine (minder krachtige) noten op gecompliceerde lettergrepen.
Cephalicus (liquescent flexa)
De hoge noot komt hier vóór de lage.
Pinnosa (liquescent torculus)
Ook hier de hoge noot vóór de lagere.
Porrectus liquescens
Omlaag en de kleine noot als laatste omhoog.
Scandicus liquescens
De kleine noot is de hoogste noot.
Quilisma
De gekartelde lijn in het midden geeft aan dat de eerste noot langer wordt aangehouden.